“Mensen worden heel enthousiast van sociale voedseltuinen”
Gepubliceerd: 18 juni 2026
Even buiten Barneveld is – zoals de naam al zegt – een waar paradijs te vinden. Een plek waar jong en oud in een natuurrijke omgeving terecht kan voor dagbesteding, begeleiding én gezond voedsel. Sinds vorig jaar kent landbouw- en zorgbedrijf ’t Paradijs namelijk ook een sociale voedseltuin: “We hadden nooit verwacht dat er al in het begin zoveel mensen zouden komen.”
’t Paradijs biedt dagbesteding aan kinderen, volwassenen met een afstand tot de arbeidsmarkt en ouderen. Het agrarisch bedrijf had ook al een voedseltuin. De opbrengst ervan ging naar de voedselbanken van Barneveld en Voorthuizen. “We wilden echter in contact komen met de doelgroep en meer voor hen betekenen”, vertelt Martin van der Elst, directeur van het bedrijf. “Als sociale voedseltuin bieden we een plek waar mensen hun groente en fruit kunnen halen. Dat brengt (nieuwe) contacten met zich mee en meer kennis over voedsel.”
Veertig mensen per oogstmoment
Daarom zette ’t Paradijs in 2025 de stap en werd het officieel een sociale voedseltuin. Dat zorgde in het begin voor spannende momenten: Weet de doelgroep de voedseltuin wel te vinden? Komt er überhaupt wel iemand? Die zorgen bleken al bij het eerste oogstmoment overbodig. “We hadden nooit verwacht dat er al in het begin zoveel mensen zouden komen”, blikt Johan Slager terug. Johan is projectleider en beheerder van de tuin. “Gemiddeld kwamen er zo’n veertig mensen per oogstmoment. Mensen kwamen zelfs lopend vanuit Barneveld.”
Door het eerste jaar heen zagen ze dat bezoekers zich steeds meer thuis begonnen te voelen. “Mensen waren eerst schuchter en verlegen, kenden misschien ook wat schaamte”, vertelt het tweetal. “Dan zie je onderling contact ontstaan en volgen mooie gesprekken. Bezoekers, deelnemers van de dagbesteding, vrijwilligers en medewerkers leren elkaar kennen, waardoor mensen zich meer op hun gemak gaan voelen. Ze willen graag iets terugdoen, de ene keer door koekjes te bakken, een andere keer door te helpen in de tuin.”
Investeren in netwerken
Het tweede jaar staat vooral in het teken van het verder ontwikkelen van de tuin richting een beleeftuin. “We plaatsen heggen, hagen en vaste planten voor meer biodiversiteit, zetten nieuwe kassen en pergola’s neer en creëren een bloementuin. Verder willen we nog een theehuis plaatsen, ook als ontmoetingsplek. En we willen workshops gaan geven, zodat bezoekers meer leren over biologisch voedsel en wat ze ermee kunnen, de planten leren kennen en leren oogsten.”
De kern van het succesvolle eerste jaar, zit volgens Martin en Johan in investeren in netwerken. “We kunnen de doelgroep zelf niet benaderen, dus je trekt samen op met bijvoorbeeld de gemeente, de voedselbanken en de lokale welzijnsorganisatie. Zij hebben de contacten.” De grootste uitdaging is nu de continuïteit. “Dankzij bijdrages van fondsen, de gemeente en de provincie kunnen we drie jaar vooruit, maar ook daarna willen we verder. Daarom verkopen we een deel van ons voedsel aan bijvoorbeeld winkels en willen we met bedrijven in gesprek over sponsoring.”
Hulp en advies
Martin en Johan zien dat het idee achter sociale voedseltuinen veel mensen raakt. “Mensen worden er heel enthousiast van”, vertellen ze. Dat zien ze terug in reacties, in mensen die hun hulp aanbieden, in de bijdrages van fondsen en (lokale) stichtingen én in bedrijven die gratis helpen. “Een lokaal hoveniersbedrijf – De Briellaerd – heeft het hele ontwerp van de tuin gedaan. Ook denken ze mee over welke planten geschikt zijn. En dat allemaal voor niks.”
’t Paradijs is aangesloten bij Sociale Voedseltuinen Nederland. “Dat heeft ons in de beginfase heel erg geholpen”, vertelt Martin. “Ze hebben ons echt goede adviezen gegeven, zowel praktisch bijvoorbeeld over de tuinindeling, als financieel. We hebben vaak gedacht; hoe gaan we gratis voedsel financieren? Daar hebben ze met hun kennis, ervaring en netwerk echt bij geholpen. Het is belangrijk voor de toekomst van sociale voedseltuinen dat we ervaringen en informatie uitwisselen en leren van elkaar.”